Herinneringen Assinksteeg/Aarninksweg

Dit jaar mag ik vertellen over de herinneringen uit de Assinksteeg en Aarninksweg. Dit gebied ligt tussen de Cröddendijk en de Holterweg, dus een stukje buiten het dorp. Het verhaal is opgetekend door mijn neef, Henk Haverkamp, die hier ceremoniemeester is.
De oorlog begon in 1940, maar al in 1939 was het spannend. Iedereen begon zich af te vragen wat er in Duitsland gaande was. Ook in Lettele kon je daar iets van merken.
In 1939 werd mijn vader Jan Haverkamp, pas getrouwd met mijn moeder, opgeroepen voor de zogenaamde mobilisatie.
Voor zover het dorpsarchief van Lettele heeft kunnen achterhalen, waren er zo’n 20  mannen uit Lettele en Okkenbroek in militaire dienst toen de oorlog in 1940 uitbrak. Deze 20 mannen hebben als soldaat ons land verdedigd. Mijn vader en Jan Spikker uit de Cröddendijk, waren gelegerd op de Grebbeberg, de plaats waar het zwaars gevochten werd in Nederland.

Gelukkig hebben ze het allemaal overleefd!

 

Ook werden Nederlandse soldaten als krijgsgevangene naar Duitsland afgevoerd. Mijn vader kwam in Luckenwald terecht, 60 km onder Berlijn. Waar de meeste  Nederlandse krijgsgevangenen gevangen werden gehouden. De gevangenen verbleven daar in grote tenten waar zo’n 400 man opeen  werd gepropt. Het eten was heel  beperkt en de hygiëne zeer slecht.
Op 1 juni 1940 gaf Hitler het bevel dat alle Nederlanders naar huis mochten.  Volgens sommigen, de enigste goede daad die hij ooit gedaan heeft !  Door dit besluit kwam mijn vader op 9 juni weer thuis. Sterk ondervoed en verzwakt. Familieleden weten te vertellen dat hij de volgende dag samen met zijn broer Hein, de vader van Henk, de koeien in het land wilde bekijken. Maar zelfs dat kon hij niet volhouden.

Zoals gezegd waren mijn vader en moeder vlak voordat hij weer onder de wapenen moest,  net getrouwd. Toen hij terug kwam was zijn dochter en mijn zus Gerda inmiddels geboren.

Voor blijheid was geen ruimte! Mijn vader kwam immers terug in oorlogsgebied. Nederland en ook Lettele was door de Duitsers bezet.

 

Als kinderen wilden wij van vader weten hoe het was in de kampen als krijgsgevangene. Maar het enige wat hij dan vertelde was, dat er niks was. Een sigaret deelde je met 10 man, allemaal een trekje. Meer kregen we niet te horen, ook oorlogsfilms mochten we niet zien.

De vraag wat mijn vader en al die mannen allemaal hebben meegemaakt zal altijd onbeantwoord blijven.

 

De eerste oorlogsjaren nadat mijn vader terug was, verliepen redelijk rustig in de buurt. Maar toen in 1944 de geallieerden begonnen op te rukken werd het anders. Dat kwam in onze buurt vooral door het afschieten van zogenaamde V1’s, bommen op straalmotoren. Er was een lanceringsbaan aan de Oerdijk richting Okkenbroek. Omdat de V1’s over de huizen aan de Assinksteeg kwamen, schrok de buurt iedere keer angstig wakker. Vooral door de val van een V1 op 19 december 1944. Dat was de eerste van in totaal 8 van deze bommen die rondom de Assinksteeg neervielen. De eerste raakte ‘s avonds rond elf uur eerst een hoek van het huis van Jan Spikker aan de Cröddendijk en kwam vervolgens terecht in de voorkamer van Jan Zwiers. De familie Zwiers kon nog net vluchten voordat de V1 echt ontplofte. De ravage was enorm. Buurman Bats Klein Swormink ging kijken. De melkgeiten van de familie Zwiers lagen in stukken in het weiland.

 

Op de oprijlaan van mijn oom Hein Haverkamp ging een V1 dwars door een eikenboom en stortte neer bij het huis van onze buren, Grotentraast geheten. In de boomgaard kwam ook een V1 terecht. Nog lang na de oorlog was een krater in de grond te zien.
De luchtdruk bij zo’n instorting van een V! was zo enorm, dat buurjongen Gerrit Klein Swormink tegen de muur van de schuur gedrukt werd. Uiteindelijk ging mijn oom met zijn gezin en de familie Grotentraast een tijdje uit huis, het werd te gevaarlijk.
Het verhaal van mijn vader en dat van onze buurt is op verschillende manieren opgetekend. Zo ook door Rie Witteveen, nu bijna 85 jaar. Zij schreef als 13 jarige een opstel dat mijn kleindochter Iris later vanavond zal voorlezen.

 

Het thema van de herdenkingen in Nederland is vrijheid geef je door. Door deze verhalen van de Assinksteeg te vertellen houden we een herinneringen levend. Door van generatie op generatie stil te staan bij de oorlogsherinneringen onderstrepen we het voorrecht van de vrijheid waarin we vandaag kunnen leven.